Fulltext Search

In het tweede kwartaal van 2022 zijn op www.rechtspraak.nl 52 uitspraken gepubliceerd waarin de ingestelde vordering gegrond was op bestuurdersaansprakelijkheid. Het betrof 3 uitspraken van de Hoge Raad, 6 conclusies van de advocaat-generaal bij de Hoge Raad, 15 uitspraken van de gerechtshoven en 28 van rechtbanken.

In deze Kwartaalupdate Bestuurdersaansprakelijkheid voor Q2 2022 is een selectie

gemaakt uit deze uitspraken. De navolgende onderwerpen komen aan bod:

01. Bestuurdersaansprakelijkheid en matiging

(Hoge Raad 13 mei 2022) 2

In deze Kroniek wordt een selectie van de tussen mei 2021 en mei 2022 door de Hoge Raad gewezen arresten besproken. Daarbij komen onder meer uitspraken op het gebied van beroeps- en bestuurdersaansprakelijkheid, productaansprakelijkheid en werkgeversaansprakelijkheid aan de orde.

Supreme Court 22 January 2022, ECLI:NL:HR:2020:80 - www.rechtspraak.nl

Introduction

Recently, the Supreme Court dealt with the following question: can the bankruptcy trustee recover a payment made from a bank account with a debit balance in the name of the bankrupt company after the bankruptcy date, as undue payment due to a breach of the fixation principle or the equality of creditors principle?

Hoge Raad 22 januari 2022, ECLI:NL:HR:2022:80 (www.rechtspraak.nl).

Introductie

In het onderhavige arrest buigt de Hoge Raad zich over de volgende vraag: kan de curator een girale betaling, gedaan na datum faillissement vanaf een op naam van de failliet staande bankrekening met een debetsaldo, als onverschuldigd terugvorderen wegens strijdigheid met het fixatiebeginsel of de paritas creditorum?

In our original article, we prefaced that Johnson & Johnson (“J&J”) would likely utilize the Texas Two Step to attempt to resolve its tort liabilities related to talc powder.1 On October 12, 2021, J&J did just that. The company used Texas’s divisive merger statute to spinoff the talc liabilities into a new entity, LTL Management, LLC (“LTL”).

Rechtbank Noord-Holland heeft op 19 februari 2021 de eerste twee akkoorden onder de WHOA gehomologeerd. Het betroffen akkoorden van Jurlights B.V. en Jurlights Holding B.V., een werkmaatschappij en een holding actief in de evenementen-branche.

In de uitspraak van Rechtbank Rotterdam van 3 maart 2021 is door verzoekster aan de rechtbank de vraag voorgelegd, of onderscheid in behandeling van de concurrente crediteuren (een weigeringsgrond oplevert die) aan homologatie van een akkoord in de weg zou staan.

WHOA: Alle in het 1e kwartaal van 2021 gepubliceerde rechterlijke uitspraken gebundeld Op 1 januari 2021 is de Wet Homologatie Onderhands Akkoord (“WHOA”) in werking getreden. Het eerste kwartaal na inwerkingtreding zijn 17 rechterlijke uitspraken met betrekking tot de WHOA gepubliceerd. Het insolventieteam van Ploum bestaande uit Vincent Terlouw, Suzanne van Aalst en Boaz van Honk houdt de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten. In deze door Suzanne van Aalst opgestelde bijdrage zal de essentie van deze uitspraken worden behandeld.

We discussed in the March 2020 edition of the Texas Bar Journal1 the bankruptcy court ruling by Judge Craig A. Gargotta of San Antonio in In Re First River Energy LLC that oil and gas producers in Texas do not hold perfected security interests in oil and gas well proceeds, notwithstanding the Texas Legislature’s efforts to protect producers and royalty owners following the downturn in the 1980s. The Fifth Circuit recently reaffirmed Judge Gargotta’s decision.

This article sets out some reflections on the decision of the Supreme Court in Sevilleja v Marex Financial Limited [2020] UKSC 31 from July 2020 which clarifies the scope of the so-called ‘reflective loss’ rule. The first instance judgment raised some comment-worthy issues regarding the economic torts which were not the subject of any appeal.